Clustergrootte en informatie opslag van water

alkaline water druppels

water heeft bijzondere onvolledig onverklaarde eigenschappen

Bijzondere levensbelangrijke eigenschappen van water

Water kan op verschillende niveaus reageren. Onomstreden zijn de verschijningsvormen van water en de natuurkundige reacties en parameters, zoals temperatuur, oppervlaktespanning, kookpunt, vriespunt, pH waarde en geleidingsvermogen (opgeloste mineralen), omdat men deze met eenvoudige meetapparatuur kan bepalen.

In deze voorbeelden reageert water op de fysische invloeden van de omgeving. De clustergrootte van het water is moeilijker te bepalen, maar nog steeds objectief meetbaar. Deze bepaalt hoe “vloeibaar” het water is en daarmee samenhangend hoe groot het vermogen is stoffen op te lossen en bijvoorbeeld in lichaamscellen binnen te dringen. Water reageert alleen aan de oppervlakte van het watercluster. Kleine waterclusters hebben dus in verhouding tot het volume een beduidend grotere oppervlakte.

Door kleinere clusters een groter oplossend vermogen

Verschillende fysische maatregelen kunnen de clustergrootte beïnvloeden. Turbulentie (mechanisch of magnetisch), verdamping, elektrolyse e.d. kunnen de clusterstructuren openbreken en verkleinen, terwijl druk – bijvoorbeeld in pompen – en het stromen van water in de waterleiding, clusters samenvoegt, vergroot en verstart. De moderne NMR analyse (Nuclear Magnetic Resonance) laat zien dat kraanwater een clustergrootte heeft van 10-25 watermoleculen. Gezond bronwater, water uit een beek, smeltwater en regenwater in gebieden zonder luchtverontreiniging hebben kleinere clusters van ongeveer 6-8 watermoleculen.

Waterclusters van leidingwater en basisch actiefwater

waterclusters uit een ioniserend basisch waterionisator hebben kleinere clusters dan die van leidingwater

Water heeft een draairichting, een ‘spin’

Wetenschappers zijn het erover eens dat water met kleinere waterclusters een hoger oplossend vermogen en meer vitaliteit heeft. Een reden kan zijn dat in kleinere waterclusters de totale oppervlakte van de reactieve buitenkant veel groter is dan bij water met grotere clusters.

Omstreden, omdat het (nog) voor velen onbekend is, zijn de zogenaamde “esoterische” of “subtiele” parameters zoals draairichting, informatie-inhoud, vibratie enzovoort. Deze parameters bestaan en zijn te beïnvloeden. Het water heeft in ieder geval twee niveaus waar informatie opgeslagen en doorgegeven kan worden:

Aangezien water een asymmetrisch molecuul is, heeft het een “richting”, een vóór- en achterkant respectievelijk linker en rechter kant – zoals er bijvoorbeeld ook links- en rechtsdraaiende kwartskristallen zijn.

Kwartskristal

kwartskristallen lijken qua structuur veel op water. Ze worden vanwege de bijzondere eigenschappen veel in de industrie gebruikt.

Kwarts (SiO₂) heeft een soortgelijke structuur als water; het heeft een vaste vorm en de moleculen zijn groter. Evenals kwarts is water doorzichtig, kan het licht breken en reageert het op elektrische stroom. Kwartskristallen hebben verschillende soorten van symmetrie die meetbaar zijn en te beschrijven. De specifieke structuur van een dergelijk kristal heeft ook specifieke eigenschappen. In de techniek wordt hier gebruik van gemaakt. Er wordt bijvoorbeeld alleen gewerkt met kristallen die rechts draaiende of linksdraaiende eigenschappen hebben. Omdat in de natuur een dergelijke uitgesproken vorm niet zo vaak voorkomt worden deze kristallen vaak gesynthetiseerd.

Het is zeer waarschijnlijk dat de natuur op vergelijkbare wijze gebruik maakt van de specifieke uitlijning van watermoleculen die samen een cluster vormen. De vorm van de cluster, de specifieke symmetrie, zal zeker het functioneren van de kleinste biologische structuren beïnvloeden. De vergelijking met de SiO₂ molecuul verduidelijkt ook wat voor extra mogelijkheden bij het H₂O molecuul voorhanden moeten zijn om informatie op te slaan. Door de (nog) tekortschietende meettechniek kan dit nog niet objectief gemeten worden. Het is, net als bij de SiO₂ molecuul, aan te nemen dat ook het H₂O molecuul trillingsstructuren bevat. Het is eveneens waarschijnlijk dat dergelijke trillingsstructuren een bepaald organisatiepatroon hebben. Het betekent dat ze een zekere mate van informatie bevatten.

Bovendien betekent het dat het organisatiepatroon van buitenaf beïnvloed kan worden en dus ook de informatie. Op deze wijze is het natuurkundig voorstelbaar dat trillingspatronen van een chemische stof de trillingspatronen van water kunnen beïnvloeden, als het ware moduleren, door een intensieve vermenging zoals bijvoorbeeld door heel intensief te schudden (homeopatie), door UV licht of door de elektromagnetische kracht van de zon (Bachbloesems). De trillingspatronen kunnen dan ook vastgehouden worden door de watermoleculen, als het ware opgeslagen. Het is ook denkbaar dat de eigenfrequentie of het elektromagnetische veld van een levend wezen of een bepaalde stof de trillingspatronen van de watermoleculen kan beïnvloeden.